Oudere leerlingen spijbelen vaker

Door Ingeborg De Meulemeester op 11 maart 2019, over deze onderwerpen: Onderwijs, Spijbelproblematiek

Het aantal meerderjarige leerlingen in het secundair onderwijs daalt, maar ze spijbelen vaker. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams Volksvertegenwoordiger Ingeborg De Meulemeester (N-VA) opvroeg aan onderwijsminister Crevits.

Het aantal meerderjarige leerlingen in de drie laatste leerjaren van het secundair onderwijs daalt. In het schooljaar 2015-2016 ging het nog om 54.441 meerderjarige leerlingen, in 2017-2018 waren dat nog 50.320 meerderjarigen. Enkel in het buitengewoon secundair onderwijs en OKAN (onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers) stellen we geen daling vast.

“Voor een deel van de meerderjarige leerlingen is de verklaring logisch. Zij zitten in het zevende jaar of in het zesde jaar, zijn geboren tussen januari en juni en zijn net 18 geworden”, aldus De Meulemeester. “Uit ervaring weten we echter dat meerderjarige leerlingen (met schoolse vertraging) een verhoogd risico lopen op vroegtijdig schoolverlaten. De toename in problematische afwezigheden is daar helaas een voorbode van.”

Het aantal problematische afwezigheden (B-codes) bij meerderjarige leerlingen neemt toe in zowel de drie laatste leerjaren (vijfde, zesde en zevende) als bij OKAN, DBSO (deeltijds beroepssecundair onderwijs) en BUSO (buitengewoon secundair onderwijs). In het schooljaar 2015-2016 zagen we dat 9,73% van de meerderjarige leerlingen 30 halve dagen of meer afwezig is op school. In het schooljaar 2017-2018 gaat het al om 11,22%.

“Leerlingen die meerderjarig zijn maar nog ingeschreven zijn in het secundair onderwijs, lopen een groot risico om met hun opleiding te stoppen vooraleer ze hun diploma secundair behalen. Deze groep niet-leerplichtige leerlingen verdient daarom de nodige aandacht”, besluit De Meulemeester.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is