4 op 10 spijbelen te vaak

Door Ingeborg De Meulemeester op 20 maart 2015, over deze onderwerpen: Onderwijs, Spijbelproblematiek

Leerlingen die een deeltijdse beroepsopleiding volgen, spijbelen te vaak. Hun aantal is in bijna tien jaar met een derde gestegen. En dat is kwalijk. Hardnekkige spijbelaars dreigen zonder diploma de school te verlaten. Minister Crevits werkt aan een actieplan.

Hardnekkige spijbelaars zijn er op alle onderwijsniveaus, dat tonen de cijfers op de kaart van Vlaanderen. Maar toch vooral in het deeltijds beroepsonderwijs. 'Problematisch spijbelen' wordt aangevinkt wanneer een leerling minstens 30 halve dagen per schooljaar ongewettigd afwezig is.

Gemiddeld spijbelt 1,47 % van de leerlingen in het voltijds secundair onderwijs problematisch. Bij de leerlingen die deeltijds leren en tegelijk al een paar dagen per week werken - als kapster, lasser of welk beroep dan ook - schiet dat percentage omhoog naar liefst 38,3%. Antwerpen doet het het minst slecht (31,69 %). In Limburg poetst bijna de helft van de leerlingen in deze onderwijsvorm problematisch vaak de plaat (47,98 %). In absolute cijfers spijbelen zo'n 3.000 leerlingen per schooljaar te vaak, op een totaal van zo'n 8.500 ingeschreven leerlingen in het deeltijds beroepsonderwijs. De cijfers komen uit een antwoord van onderwijsminister Hilde Crevits (CD&V) op een parlementaire vraag van Ingeborg De Meulemeester (N-VA) voor het schooljaar 2013-2014. Een recente studie van de TOR-groep aan de VUB over het onderwerp geeft bovendien een kwalijke evolutie aan: in het schooljaar 2006-2007 waren er nog 'maar' 28,2% problematische spijbelaars, nu dus 38,3%.

Het overdadig spijbelen is écht een probleem als je weet dat de helft van de leerlingen niet slaagt dat schooljaar (49,1%). Nog eens een kwart (24,6%) stopt in de loop van het jaar zijn studies. "Dat zijn de drop-outs", zegt TOR-onderzoeker Bram Spruyt. Sommigen onder hen schrijven zich misschien later opnieuw in, maar daar is geen zicht op. Jongens spijbelen vaker. "Gewoon omdat jongens vaker dingen doen die niet mogen." Bij meisjes die het doen, is het achterliggende probleem dikwijls moeilijker detecteerbaar. Een zware thuissituatie speelt vaak mee, of er zijn sociale, psychologische en materiële problemen. "Maar de grote verklaring zit al bij de instroom", zegt Spruyt. Hardnekkige spijbelaars zijn op de duur op geen enkele school meer welkom. Het deeltijds beroepsonderwijs dreigt een vergaarbak te worden van leerlingen die al grote problemen hebben voor ze er instromen. Het wordt als 'het onderwijs van de laatste kans' gezien. Plus: leerlingen die al werken, zien zichzélf ook vaak al meer als werknemer dan als leerling die nog uren moet slijten op de schoolbanken. Zeker de achttienplussers, die niet langer schoolplichtig zijn, vallen dan snel uit.

Geld terug

Wat te doen? De pakkans bij spijbelen verhogen in plaats van sancties verzwaren, vindende TOR-onderzoekers. En snéller ingrijpen. Spruyt: "Elke keer 10 euro moeten betalen als je te snel rijdt, is effectiever dan één keer per jaar 50 euro boete krijgen."

Minister Crevits werkt aan een geïntegreerd actieplan voor problematisch spijbelen en voortijdig schoolverlaten. De basistekst moet tegen Pasen klaar zijn en gaat dan voor overleg naar de onderwijskoepels, de CLB's en andere actoren bij welzijn. Die wil jongeren tot en met 25 jaar behoeden voor uitval. Nu al wordt van ouders van leerlingen die twee jaar na elkaar meer dan dertig halve dagen spijbelen, de eventuele studietoelage teruggevorderd. Dat gebeurde de voorbije jaren al bijna 3.000 keer. Driekwart werd effectief terugbetaald, voor het laatste kwart geldt een afbetalingsplan. Prima maatregel, vindt De Meulemeester. "Een diploma halen is belangrijk, dat moeten we echt proberen duidelijk te maken aan die jongeren. Als wijzen op de bestaande hulp niet helpt, doet zo'n terugvordering alles in een hogere versnelling schieten."

Maar: "De studietoelage terugvorderen is zoveel als zeggen: de maatschappij geeft jou op, tegen leerlingen wiens leven al één grote puinhoop ís", vindt Spruyt. "Als je daarvoor kiest, zet je alsnog een jongere op de arbeidsmarkt die daarvoor slecht is uitgerust."

 

Groot verschil met andere middelbare scholieren

Percentage spijbelaars in Secundair onderwijs - Deeltijds beroepsonderwijs:

Antwerpen 1,81% - 31,69%

West-Vlaanderen 1,59% - 35,31%

Oost-Vlaanderen 1,81% - 42,12%

Limburg 1,17% - 47,93%

Vlaams-Brabant 0,99% - 34,4%

GEMIDDELDE 1,47% - 38,3%

(Cijfers schooljaar 2013-2014, van voltijds secundair onderwijs (ASO, TSO, KSO en BSO) t.o.v. deeltijds beroepsonderwijs)

 

ANNICK DE WIT EN KATRIEN STRAGIER ■

 

Het Laatste Nieuws*,

Vr. 20 Feb. 2015, Pagina 2

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is